Tim Hofman, onder andere bekend van online programma Boos van BNNVARA en als presentator van Over mijn lijk stopte ooit 3x met een studie.

Na ontdekt te hebben dat Taal & Cultuur, de Nederlandse taal en Communicatiewetenschap het niet voor hem waren, volgde hij de interne opleiding bij BNN, de ‘BNN University’. Daarna begon hij bij 101 TV als verslaggever.

Sinds 2012 is Tim niet meer weg te denken op televisie en maakt / presenteert hij succesvolle programma’s. In 2016 won hij Wie is de mol? van AVROTROS en kwam Boos bij BNNVARA online. Een platform waarin hij ‘boze mensen onboos maakt’ en politieke kwesties, influencers die producten niet leveren, of bijvoorbeeld huisjesmelkers die misbruik maken van de markt aanspreekt en een oplossing met hen zoekt.

Datzelfde jaar pleitte Tim voor de Tweede Kamer voor een openlijker debat over het drugsgebruik en een minder strikt beleid. In 2017 volgde ‘De stembus’, een initiatief dat ontstaan is op Twitter. Tim, BNN-voorzitter Zakaria Taouss en een aantal journalisten reisden door het land om op scholen aandacht te vragen voor het stemmen. Lijsttrekkers Mark Rutte, Alexander Pechtold, Marianne Thieme en Gert-Jan Segers gingen met hun mee om de 850.000 jongeren die dat jaar voor het eerst mochten stemmen, naar de stembus te krijgen.

In 2020 won Tim tijdens het Gouden Televizier-Ring Gala de ster voor beste presentator, de ster voor de beste online video-serie voor BOOS en de Gouden Televizier-Ring voor Over Mijn Lijk. Ook werd hij in 2023 door Villamedianieuws uitgeroepen tot Journalist van het Jaar.

Robert Staal kon als jonge jongen niet meekomen met lezen en schrijven en moest naar ‘de lomschool´ (het BLO, buitengewoon lager onderwijs voor leerlingen met leer- en opvoedingsproblemen, ook wel de 'gekkenschool’ genoemd. Hij werd het pispaaltje van de buurt, maar tegelijkertijd werd zijn creativiteit gestimuleerd. ‘Ik werd de Grote Omdenker.’

Het Financieel Dagblad publiceerde in 2023 het artikel van Alex Ruitenbeek over Robert Staal die van jongen met leesbeperking zichzelf omturnde tot een succesvolle uitgever. Van boekenlegger tot uitgever van onder meer huis-aan-huisbladen. Hij laat zien dat je, ondanks beperkingen, toch de keuze hebt om wat moois van je leven te maken.

ROBERT STAAL: "EEN ACHTERSTAND OMZETTEN IN IETS POSITIEFS: DAT HEB IK MIJN HELE LEVEN GEDAAN"

Robert Staal is inmiddels in de 60 en heeft een boek geschreven over zijn leven, waarin hij meerdere adviezen deelt:
1. Hoe je overleeft door in korte tijd een miljoen op te halen.
2. Hoe je zonder een cent te betalen sponsor wordt van een Europees topteam
3. Hoe je voor kapitalen euro’s weggeeft en er toch geld aan verdient.
4. Hoe je leven na de diagnose longkanker waardevoller kan worden.
5. Hoe je in het crematorium een feestje organiseert
6. Hoe je een beursgenoteerd bedrijf te slim af kunt zijn.
7. Hoe je wegkomt met 24 happy-hours per dag.
8. Hoe de drie ideeën uit dit boek je financieel onafhankelijk kunnen maken

Ook ontwikkelde een levensformule: A + B = C.

  1. A  Weet wat je tekortkomingen zijn.
  2. B  Maak van je nadeel een voordeel.
  3. C  Dan ben je knap van dommigheid.

Nieuwsgierig naar zijn verhaal en/of boek?

Klik hier voor het verhaal in het Financieel Dagblad (alleen te lezen na inloggen): ‘Het Onze Vader heeft 54 woorden, maar ik ken nog steeds alleen de eerste zeven’ (fd.nl)
Klik hier voor de website over het boek: Knap van dommigheid – Creatief dankzij mijn beperkingen

Het leven loopt niet altijd zoals je verwacht. Boris Beekink (24) had zijn passie al vroeg gevonden, maar was genoodzaakt daarmee te stoppen. Het verhaal van Boris laat zien hoe alles altijd op z’n pootjes terecht komt, zolang je er maar voor gaat.

Hoe was jouw jeugd?

“Enorm wisselvallig”, begint Boris Beekink. Toen hij vier jaar oud was, gingen zijn ouders uit elkaar. “Bij mijn moeder was altijd alles fijn, bij mijn vader minder. Daar was het niet zo goed geregeld, waardoor ik als kind van alles meemaakte.” Die ervaringen zorgden ervoor dat Boris als kleine jongen zich snel liet ‘opfokken’ en vaak in de problemen terechtkwam. Het was beter voor hem om het speciaal onderwijs te volgen.

“Daarnaast hadden wij het altijd financieel moeilijk. Van jongs af aan is hierdoor de drive ontstaan om hard te werken en geld te verdienen.” Vaak kookte hij om zijn moeder in huis te helpen. “Dat deed ik dan samen met mijn opa die vanaf de scheiding de rol van mijn vader heeft overgenomen. Hij leerde mij alles wat ik moest weten en ik ontwikkelde een passie voor koken. Ik was vastberaden: ik word kok. Mijn opa was mijn eerste leermeester.”

Hoe was jouw schooltijd?

“Niet leuk. Ik werd heel erg gepest en durfde niet voor mijzelf op te komen. Vaak zat ik huilend thuis, omdat ik niet naar school wilde.” Op een gegeven moment ging de knop om. Thuis begonnen er ook weer dingen op te spelen. “Ik ‘pikte’ het niet meer en kwam steeds meer voor mijzelf op. Toen nam het pesten af.” Het eerst zo verlegen, bescheiden jongetje had op jonge leeftijd al zoveel te verduren, dat hij zich moest harden. Mensen die hem destijds al kenden, zien nu een heel andere Boris. “Ik hoef niet te weten wie ik was geworden als dit allemaal niet gebeurd was. Het heeft mij gemaakt tot wie ik nu ben.”

Tijdens zijn schooltijd begon hij met werken in de keuken van Restaurant Le Brasseur in Maarssen. Daar heeft hij voorafgaand aan zijn koksopleiding al kunnen proeven van wat hem te wachten stond. “De chef, Marijn Brouwer, is een groot voorbeeld voor mij. Met hem heb ik altijd een speciale band gehad. Maar werken in de horeca heeft ook een harde kant. Soms stond ik huilend in de keuken, maar zo leer je.”

Hoe verliep jouw leven na de schooltijd?

Boris hield vast aan zijn droom; na de middelbare school begon hij aan zijn opleiding tot kok. Op het ROC in Nieuwegein leerde hij alle kneepje van het vak. “Je begint met de opleiding tot basiskok. Omdat ik al zoveel ervaring had opgebouwd, doorliep ik die opleiding met ‘twee vingers in de neus’.” Met het papiertje op zak vervolgde hij zijn opleiding tot Zelfstandig werkend kok. “De Franse termen onthouden was wegens mijn dyslexie een ramp. In mijn laatste jaar heeft mijn mentor mij enorm geholpen; hij zag dat theorie mijn ding niet was, maar ik precies weet wat ik moet doen in de keuken. In overleg met de school hoefde ik de theorie niet te doen, mits ik het praktijkgedeelte heel goed afsloot.” Aan het eind van het schooljaar liep hij met opgeheven hoofd én diploma richting het begin van zijn professionele carrière.

Hoe ben je gekomen waar je nu bent?

“Na de opleiding ben ik gaan cateren voor partijen. Dat was niet helemaal mijn ding, omdat ik gewend was aan de betere kwaliteit van koken bij Le Brasseur.” Boris verliet die baan om bij een nieuw restaurant te gaan werken. “Dat liep niet helemaal zoals het moest wegens problemen met de vergunningen. Ook brak de pandemie uit en ben ik bij PostNL beland.”

Vond je het moeilijk om de keuken te verlaten?

“Zeker, dat vond ik heel moeilijk.” Zijn leven bestond uit koken en nu moest hij pakketjes gaan bezorgen. “Ik sta altijd open voor nieuwe dingen, dus vond het werk zelf wel leuk. Maar nu, drie jaar verder, ben ik het wel beu haha.” Door deze omschakeling had Boris opeens in de weekenden vrij en kon hij de feestdagen bij vrienden en familie vieren. Dat beviel hem goed, waardoor hij twijfelde of hij nog terug wilde keren naar de horeca.

“Op een dag zag ik een filmpje van iemand die auto’s schoonmaakte. Ik was helemaal gefascineerd.” Hij verkocht zijn scooter, ging extra veel werken en zocht uit wat allemaal nodig was om stoffen te reinigen. “Dat begon met een simpele stofzuiger, nu ligt mijn hele auto vol met gespecialiseerde reinigingsapparaten.’  Meteen vanaf de start, tot grote opluchting van zijn moeder, ging Boris’ bedrijf, Beekinkcardetailing.nl, als een speer.

Wat vind je het leukst aan wat je nu doet?

“Ten eerste zie je echt een verandering; van een auto die extreem vies is, naar een auto die er zo goed als nieuw uitziet. Ik vind het ook fantastisch om mensen te helpen. Ik kan ervoor zorgen dat zij op een gezonde manier in hun auto kunnen rijden. Maar de waardering en lachende gezichten zijn voor mij het allerbelangrijkst.

En het koken dan? “Soms mis ik het wel. Vooral als ik uit eten ga bij Le Brasseur. Voordat ik het weet sta ik opeens zelf borden op te maken. Ik kan het niet laten en gelukkig vindt iedereen het okay.”

Wat wil je meegeven aan jongeren die voor een belangrijke keuze in hun leven staan?

“Doe écht wat je leuk vindt. Heel veel jongeren die een opleiding moeten kiezen, weten niet wat ze willen doen en kiezen dan voor een bepaalde opleiding zonder er volledig achter te staan. Na vier jaar komen ze er dan vaak achter dat ze helemaal niet willen werken in die branche. Daarnaast wil ik benadrukken dat je niet altijd een papiertje nodig hebt om iets te bereiken; als je maar iets doet wat je leuk vindt, kom je er vanzelf."

Dyme een app waarbij jij dingen doet die je wel leuk vindt en laat finance geeks in de cijfertjes en kleine lettertjes duiken. Ze geven je persoonlijk advies en boksen de laagste vaste lasten voor elkaar.

‘Wij zijn finance geeks met één doel: jou de macht over je geld teruggeven. We bouwen slimme tools en geven persoonlijk advies waarmee jij je zaakjes zo op orde brengt. En geld weer de goede kant op rolt: jouw kant. Knikker je zombie abonnementen de deur uit en maak je vaste lasten zo laag mogelijk, ieder jaar weer.’ Heb jij Dyme al gedownload⁉️'

Downloaden van deze handige app, doe je hier: https://dyme.app/

Dyme is genomineerd als dé Finance App of the Year 2023, samen met unq, Klarna, DEGIRO, Revolut and Bitvavo.

"Ik wil mensen een beter zelfbeeld geven." Alweer een aantal jaar werkt Daniëlle Krijtenburg als De Beeldvanger. “Ik vang het verhaal van wat mensen zichzelf onbewust vertellen, ik kijk verder dan de voorkant en breng dat in beeld.” Had zij deze gave al vroeg in zich? Hoe ging en gaat zij hiermee om? En wat raadt zij jongeren aan? Laat je inspireren met dit interview.

“Ik was een heel vrij kind,” begint Daniëlle. “Ik was altijd ofwel aan het huppelen of aan het tekenen.” Het tekenpotlood was nog net niet vastgelijmd aan haar hand. Maar het worden van kunstenaar was niet wat Daniëlle als kind voor ogen had. “Het leek me heel interessant om te werken op de verkeerstoren van Schiphol.” Uiteindelijk belandde Daniëlle een stuk hoger in de lucht; “Ik ben twee jaar stewardess geweest! Dat waren fantastische jaren, maar ik mistte de diepgang.”

Na de middelbare school


“Ik kom uit een ondernemersgezin Eigenlijk wilde Daniëlle naar de Kunstacademie, maar vanwege het onzekere leven van een kunstenaar koos ze toch voor zekerheid. “Ik deed de opleiding managementassistent en heb een aantal marketingopleidingen gedaan.” Toen ze een korte tijd op kantoor aan het werk ging, kwam ze er direct achter dat dat niet voor haar was weggelegd. “En dat is helemaal niet erg. Alleen als je het probeert weet je of het iets voor je is.”

Door haar werk heeft Danielle geleerd om mensen écht te zien

Na twee jaar als stewardess de hele wereld te hebben gezien, kwam Daniëlle een advertentie tegen in de krant die haar aandacht trok. “Ze zochten een croupier, en dat ben ik geworden.” Na drie jaar werd zij aangesteld als leidinggevende. Een parttimefunctie die ze perfect kon combineren met opleidingen. Binnen de branche was het erg van belang dat ze verder kon kijken dan een eerste oogopslag. “Ik wilde zowel mijn collega’s als de gasten goed kunnen aanvoelen. Ik moest kunnen aanvoelen of het goed gaat of dat er misschien sprake is van onderliggende problemen. Binnen deze organisatie waren veel regels en was alles heel strak geregeld. Er was weinig sprake van creativiteit.” Door het werk heeft Daniëlle geleerd om mensen écht te zien; iets wat ze tot op de dag van vandaag nog met zich meedraagt.

Fotograaf


“Acht jaar geleden kantelde mijn carrière,” legt Daniëlle uit. Na jaren verbreekt ze haar vaste contract en kiest ze voor een nieuwe weg.”‘Ik realiseerde dat ik weinig plezier beleefde in wat ik deed; ik deed alles op de automatische piloot.” Ze is zich gaan omscholen. Door de verschillende opleidingen leerde ze zich beter kennen en rolde ze het coach-vak in. “Eigenlijk ben ik nog steeds continu bezig om mezelf te blijven ontwikkelen.”

Na 23 jaar leidinggeven en daarnaast het werk als fotograaf te beoefenen, was het nu tijd om een andere weg op te gaan; het beeldvangen. De voorkennis van het fotograferen in combinatie met de opgedane mensenkennis, kwam perfect samen in haar nieuwe uitdaging.

De passie voor fotografie stamt uit iets langer geleden. “Ik deed het al als hobby, maar toen een vriendin – die fotograaf is van beroep – mij vroeg om een boeking over te nemen, heb ik ontdekt hoe leuk het is om het professioneel op te pakken.”

“Mijn partner juichte het alleen maar toe en ik vind het belangrijk dat mijn kinderen zien dat je je hart moet volgen.” De stap naar zelfstandigheid was best wel spannend.

"Ik ben eigenlijk een spiegel"

De Beeldvanger


Waar Daniëlle voorheen als fotograaf de buitenkant van mensen portretteerde, richt Beeldvanger zich juist op de binnenkant. “Ik ben eigenlijk een spiegel.” Met haar onderneming hoopt ze mensen te kunnen helpen naar een beter zelfbeeld. “Ik hoop dat mensen lievere dingen tegen zichzelf gaan zeggen, waardoor ze zich goed voelen en wél hun doelen halen.” Haar werk heeft dan ook impact op haar klanten. “Tegenwoordig zijn er weinig mensen die écht interesse hebben in iemand anders; alles gaat heel snel, we komen tijd tekort en we willen presteren.”  Op het moment dat iemand naar Daniëlle gaat, gaat het écht even over diegene. “Ik vind het mooi dat ik er dan voor iemand kan zijn om te laten zien dat ze er mogen zijn. Dit jasje past me super goed.”

"Als je iets écht heel graag wil, dan gaat het je lukken"

Wat wil je jongeren meegeven?


“Je kunt meer dan je denkt, geloof in jezelf. Heel veel mensen zitten vast in hun hoofd; ze denken van alles en door de vooral negatieve gedachtes worden ze tegengehouden. Als je iets écht heel graag wil, dan gaat het je lukken. Geloof erin, want dat is het begin.”

In 2017 is ze voor zichzelf begonnen om anderen te helpen met het volgen van hun hart in hun carrière. De focus van Paula Kager is onder meer gericht op mensen die willen re-integreren in de wereld van het werken. “Soms denken mensen dat ze te oud zijn om opeens iets heel anders te gaan doen, dat is zonde! Jong of oud, je kunt altijd een nieuwe keuze maken.”

Hoe was je als kind?
“Ik was sowieso rustig, ook wel een beetje bescheiden en verlegen maar vooral heel ijverig. Ik weet nog goed dat ik door mijn vader erg gestimuleerd werd om goed te presteren op school, dus als ik dan thuiskwam met een mooi cijfer werd dat ook erg gewaardeerd. Vanuit mijn moeder herinner ik mij dat zij het belangrijk vond dat ik initiatief toonde buiten school. Ik had bijvoorbeeld de leiding van een sportclubje in de buurt waarvoor ik van alles bedacht en organiseerde, toen was ik een jaar of acht.”

“Het werd altijd belangrijk gevonden dat ik een eigen vak zou leren, om economisch zelfstandig te zijn en  daarmee niet afhankelijk te zijn van een partner.” Zoals haar vader het noemde, gebruikte Paula ‘haar goede hersenen’ erg op en top. “Ik wilde eigenlijk psychologie gaan studeren, maar dat vond mijn moeder helemaal niks, omdat ik dan ‘in de geest van de mens ging wroeten, haha! Het was meer een projectie van het feit dat zij dat voor zichzelf niks zou hebben gevonden. Maar van een kennis hoorde ik over de vraag naar fysiotherapeuten en het mooie van dat beroep.” Die tip nam Paula ter harte.

Hoe ziet jouw eigen loopbaan vanaf je schooltijd eruit?
Wat zeker is, is dat Paula zelf een ervaringsdeskundige is als het gaat om het maken van een carrièreswitch. “Begin jaren ’80 begon ik als fysiotherapeut. Na zo’n 8 jaar wist ik, hoewel ik het vak enorm leuk vond, dat ik het niet mijn hele leven lang ging doen.” Dus besloot Paula iets heel anders uit te proberen. “Ik ben toen rechten gaan studeren waaruit ik belastingadviseur werd. Na een aantal jaar ben ik beloningsadvies gaan geven, totdat ik realiseerde dat ik veel breder geïnteresseerd ben in mens en werk, en ik het werk als beloningsadviseur toch iets te beperkt vond.” Toen Paula voor zichzelf begon, is zij meer de HR-kant opgegaan. “Ik gaf adviezen aan wat kleinere bedrijven over bijvoorbeeld personeelsbeleid, leren en ontwikkelen”. Maar ook Paula’s eigen onderneming stond niet stil. “Er zit een soort beweging in. Zodra ik specialistisch begin, kan het mij op een gegeven moment benauwen, omdat ik dan al helemaal weet hoe het werkt, dus dan zoek ik het weer breder op.”

“Het frappante is, dat je mij niet in één hokje kan stoppen; ik ben loopbaancoach, maar ook re-integratiecoach. Daarnaast was ik ook bestuursvoorzitter van een vereniging van tolken en vertalers. Zelf ben ik geen tolk of vertaler, maar heb ik wel veel ervaring met die bestuurlijke taken.”

Waarvoor komen mensen naar jou toe?
“Als loopbaancoach richt ik mij nu op mensen die bijvoorbeeld van carrière willen switchen. Als je op latere leeftijd het idee krijgt dat je niet meer gelukkig wordt van het werk dat je doet, moet je er niet mee door gaan. Mensen denken nog wel eens “nog tien jaar, en dan mag ik lekker met pensioen”, en die zitten als het ware hun tijd uit. Dat is enorm zonde! Want tien jaar is heel erg lang als je iets doet wat je niet leuk vindt.” Deze mensen helpt en begeleidt Paula om van de ene baan, naar de andere te gaan. “Die overgang kan erg lastig zijn. Het is natuurlijk een grote verandering in iemands leven en het is niet makkelijk om zulke zekerheden los te laten.” Voor Paula zelf is het dan ook erg belangrijk om iets te doen waar zij veel voldoening uit kan halen. “Ik doe nu iets waarvan ik denk, ‘als ik op pensioenleeftijd ben zou ik best nog door willen werken’, want waarom zou ik stoppen als ik het leuk vind!”

Paula richt haar focus ook op mensen die willen re-integreren naar werk. “Dat zijn mensen die langdurig zijn uitgevallen door bijvoorbeeld ziekte, een beperking of tegenslag - bijvoorbeeld een ongeluk. Ik help hen om dan weer te terug te komen in hun werk of ander passend werk te zoeken.”

Wat zou je jongeren willen meegeven?
“Ik denk dat het heel belangrijk is om dicht bij jezelf te blijven. Je moet iets doen wat bij je past, daarvoor hoef je niet altijd te hoog te grijpen. Ook moet je weten waar je hart ligt, en dat is best lastig. Maar het is belangrijk dat het beseft wordt als je er tóch achter komt dat je keuze een misser was. En om dan te weten dat het echt niet erg is om dan iets anders te kiezen.”

Meer tips van ondernemers lezen voor jongeren die hun studie- of baankeuze willen maken? Blog | Esther Communiceert

Regelen en organiseren waren altijd al karaktereigenschappen van Ellen Altena-de Zeeuw. Haar harde werkmentaliteit én het blijven leren hebben ervoor gezorgd dat zij haar kracht vond. In 2007 opende Ellen massagepraktijk ‘Knederij’, in april 2022 werd dit omgezet in een conceptstore op het gebied van gezondheid: ‘Gezonderij’.

Hoe was je als kind?
“Mijn jeugd was echt prima, ik heb altijd hele lieve ouders gehad. Als kind had ik nooit echt een grote mond, maar ik was ook niet stil. Ik had veel vrienden en trok op met mijn jongste broer, waardoor ik áltijd een maatje had.” Met hem scheelt Ellen maar 1,5 jaar, waardoor je sneller naar elkaar toetrekt. Haar andere broer en zus zaten, zeker tijdens haar jeugd, in een hele andere levensfase. “We zijn nog steeds heel close! Het hele gezin woont op dit moment binnen een straal van zeven kilometer. Het is fijn om snel bij elkaar langs te kunnen gaan, ook wanneer je elkaar nodig hebt.”

“Ik woon nu met mijn eigen gezin in hetzelfde huis waarin ik ben opgegroeid. Het is een prachtige plek tegen de bossen en aan de weilanden.” Voor Ellen is het heerlijk om na een werkdag thuis te komen en daar de rust te ervaren.
“Tijdens mijn opvoeding was het niet echt vanzelfsprekend om zomaar te luieren op de bank, mee aanpakken in huis of de tuin en bezig zijn met school waren dat wel!”

Haar ouders zagen graag dat ze, als kind, een muziekinstrument leerde bespelen. De pianowens mondde uit in een orgel, wat beter in huis paste. “Ik heb ook een tijd op ballet gezeten, maar omdat ik niet zo lang was, voelde ik mij daar niet erg op mijn gemak.”
Op school liep het voor Ellen niet helemaal zoals gewenst. “Ik was geen studiebol, ik vond het ontzettend moeilijk om te leren en heb dan ook 5 jaar over de mavo gedaan.” Hoewel het eigenlijk niet kon, deed ze destijds de mavo brugklas over, terwijl een overstap naar de huishoudschool meer voor de hand lag. “Maar mijn ouders zagen dat anders! Hun andere drie kinderen hadden de mavo afgerond, dus Ellen ging dat ook doen.” En het is haar gelukt!

Welke keuzes maakte je na de middelbare school?
“Na de mavo heb ik een receptioniste opleiding en daarna een hostess-opleiding gevolgd. Ik vond in die tijd toerisme interessant. Het organiseren zat er toen al in.” In die tijd, op 17-jarige leeftijd, kende ze haar huidige man Carl al. “Ik wilde heel graag werken zodat we samen een huis konden kopen.” Na verschillende banen als receptioniste, kwam Ellen terecht bij een bedrijf wat zoutjes produceerde. “Daar was ik verantwoordelijk voor het accountmanagement.” Dat zij in de jaren ’90 zo’n functie bekleedde, was nog best bijzonder. “Maar dat vond ik eigenlijk juíst leuk. Ik heb het sowieso altijd fijn gevonden tussen de mannen te werken, het zijn toch wat minder zeurpieten hahaha.”

Tijdens de zwangerschap van hun tweede kindje kozen Carl en Ellen ervoor om het wat anders aan te pakken. “Ik heb mijn baan opgezegd en ben fulltime voor onze (uiteindelijk) drie zoons gaan zorgen. Daar heb ik geen seconde spijt van gehad.”

Hoe ben je gekomen waar je nu bent?
Toen haar jongste zoon naar school ging, wilde Ellen weer aan de bak. “Mijn man begon over een opleiding, en dat vond ik eigenlijk geen slecht idee. Ik koos voor een sportmassage-opleiding. Daarna studeerde ik op hbo-niveau door voor voetreflextherapie.” En waar ze eerst dacht oplossingen voor voetballende zoons aan te leren, ging haar interesse al snel over naar het menselijk lichaam en wat je daarvoor als therapeut zou kunnen betekenen. “Ik moest ook Latijnse benamingen uit mijn hoofd leren, dat lukte, ik kwam erachter dat ik wél kon leren.” Altijd is Ellen ervan overtuigd geweest dat het leren niet voor haar was weggelegd, maar nu weet ze dat het daar niet aan lag. “Het was gewoon de fase in mijn leven! Die benadering gaf mij superveel zelfvertrouwen; iets wat ik ook heb meegekregen tijdens mijn opvoeding, maar wat, als het ging om school, nooit is blijven hangen.”

In december 2007 startte Ellen haar eigen massagepraktijk in Driebergen: Knederij. “Cliënten ondergaan daar voetreflextherapie, wat inhoudt dat energie en organen van het hele lichaam, door het masseren van de voeten en de onderbenen, positief worden beïnvloed.” Op 22 april 2022 opende Ellen, samen met Carl, Gezonderij. “Een conceptstore op het gebied van gezondheid, waar niet alleen de begrippen duurzaam, puur en zuiver centraal staan, maar bovenal aandacht is voor de mens, in gezondheid én welzijn.” Bij Gezonderij kunnen zowel consumenten als therapeuten terecht. De eersten voor massage- en voetreflexbehandelingen en het aanschaffen van producten die bijdragen aan een gezond en comfortabel leven. De therapeuten kunnen bij ons trainingen volgen en producten zoals magnesium en oliën voor hun eigen praktijk kopen.”

Wat geef je mee aan jongeren die zelf voor belangrijke keuzes staan?
“Niemand is zoals jij en dát is jouw kracht! Als je moet kiezen tussen verstand en gevoel, kies dan voor jouw gevoel want jouw verstand zal het later vast wel begrijpen.” En gelukkig ziet Ellen dat besef bij jongeren steeds meer toenemen. “Je hoeft geen politieagent te worden omdat de buitenwereld dat wil, maar omdat jij in je hart voelt dat dat jouw weg is.”

Foto: Etienne Oldeman

Meer tips van ondernemers lezen voor jongeren die hun studie- of baankeuze willen maken? Blog | Esther Communiceert

Mode zat altijd al in het Italiaanse bloed van Angela Messinella-Addis, maar dat ze daar haar werk van kon maken realiseerde zij pas toen een vriendin haar wees op haar oog voor stijl. Nu is zij oprichtster van hét imagebureau van Nederland; Piazza di Moda, Styling & Business. Zij matcht iemands uitstraling op hoe iemand écht van binnen is. “Je uitstraling is alles”. Dat geldt voor iedereen, ook jongeren mogen vooral zichzelf zijn.

Hoe was je als kind?


Allebei de ouders van Angela zijn geboren en getogen in Italië. “Het lukte mijn ouders niet om in Italië geld te verdienen, dus die twee gingen op zoek en kwamen in Nederland terecht met het doel om op den duur weer terug te gaan naar Italië. Ze raakten hier zo geïntegreerd dat dat er uiteindelijk niet van is gekomen!” Haar moeder diende als sterk voorbeeld voor de kleine Angela. “Op een gegeven moment hadden wij communie, wat in Italië altijd gevierd wordt met prachtige kleding. Hier in Nederland was dat niet.” Het Italiaanse bloed kwam in haar moeder omhoog en zij besloot het zelf maar te maken. En niet onopgemerkt. “Op een gegeven moment begon opeens iedereen bij haar aan te kloppen met de vraag of ze ook zo’n mooi pak voor hen zou willen maken.” En dat deed ze. “Op die manier was ze gewoon bezig met een eigen bedrijfje, zonder dat ze dat doorhad…al deed ze het gratis trouwens.” Niet alleen de hele buurt stond te kijken van de mooie kleding die werd gemaakt. Ook Angela was altijd in de buurt wanneer de naaimachine erbij werd gepakt. “Ik stond er altijd bij te kijken, ik vond het enorm fascinerend.”

“Als je iets doet, doe het dan 100%. Alleen dan weet je of je er goed in bent of niet.”

Niet alleen haar moeder was ondernemend, ook haar vader en de rest van haar familie in Italië genoten van het ondernemersleven. “Ik keek altijd met ze mee. Mijn vader werkte in een fabriek, maar had daarnaast een eigen bedrijfje waarmee hij mensen bijvoorbeeld hielp met tegels leggen.” Omdat iedereen thuis zo druk was, was Angela als kind al enorm verantwoordelijk. “Maar eigenlijk is dat wel heel belangrijk geweest, want je moet discipline te hebben om iets op te bouwen.” Van huis uit heeft ze dan ook geleerd dat succes niet komt aanwaaien, je moet er hard voor werken. “Als je iets doet, doe het dan 100%. Alleen dan weet je of je er goed in bent of niet.”

Hoe was jouw schooltijd?


Elke zomer ging Angela met haar familie op bezoek bij haar oom en tante, die aan de Italiaanse kust woonden. “Daar had je altijd mode-events. Het was geweldig, ik kon daar uren blijven zitten.” In de zomer waren de ramen van de Italiaanse kledingwinkels beplakt met posters waarop het heerlijke woord ‘saldi’ te lezen was. Van die koopjes werd goed gebruik gemaakt. “Ik kocht mijn kleding altijd daar. In Italië liepen de modetrends twee jaar voor op Nederland, waardoor ik altijd unieke dingen aanhad die in Nederland nog niet te vinden waren.”

Tijdens haar jeugd heeft Angela veel te maken gehad met vooroordelen vanwege haar afkomst. Ze werd onderschat, waardoor ze naar de mavo moest ookal was ze perfect geschikt voor de havo. “Daardoor heb ik wel met heel veel mensen leren omgaan. Culturen, segmenten, arme of rijke mensen; dat maakt helemaal niks uit. Zet jezelf nooit boven iemand, maar altijd naast de persoon met wie je praat.” Haar werd vaak verteld dat ze ergens geen talent voor had, puur vanwege het land waar haar wortels liggen. “Ik heb dus harder gevochten om er te komen, ook dat heeft mij sterker gemaakt.” Na de mavo volgde de havo om vervolgens naar het Saxion in Enschede te gaan. “Daar ben ik Commerciële Economie Internationaal Management gaan doen, omdat ik wilde leren over het ondernemerschap.” Angela vond het enorm interessant. Na vier jaar, had ze haar diploma op zak.

Sporten was voor Angela een enorme uitlaatklep, nu nog steeds. Ze heeft geturnd, gevolleybald en gezwommen. Met zwemmen stopte ze echter al vrij snel. “Ik was bang dat mijn schouders te breed weren hahaha.”

Het familieleven


Angela woont met haar man en vier kinderen. Eén van Angela’s vier kinderen heeft een mentale beperking. “Helaas is het zo dat hij elk moment kan komen te overlijden, door zijn epilepsie. Maar als ik oversteek en er komt een auto aan, dan ben ik er ook niet meer. Zo kan het leven zijn. Als ik elke ochtend wakker word met de gedachte ‘hij is er morgen niet meer’, dan is hij er echt niet meer want zo kan je gewoon niet leven.” Haar kind is op een gegeven moment opgenomen geweest in het ziekenhuis in Groningen. Daar kreeg Angela meerdere keren te horen dat het kind het niet zou gaan halen, en dat het tijd was om afscheid te nemen. “Zolang hij er nog is, is hij er nog en blijf ik hier staan, heb ik ze verteld.”

Angela heeft het ziekenhuis vaak van binnen en buiten gezien. “Op een gegeven moment raakte ik in een burn-out. Het was altijd ziekenhuis, werken, ziekenhuis, werken.” Toen de ziekte van Pfeiffer haar trof, raakte ook al haar reserves op. “Ik werd angstig en durfde ook niet meer de straat op. Maar het was belangrijk om door te gaan."

Omdat haar zoon wegens de mentale beperking niet kan praten, is het soms lastig voor anderen om te weten hoe hij zich écht voelt. “Toen hij naar het kinderdagverblijf ging vond ik het moeilijk dat ik niet wist of die mensen mijn kind wel begrepen. Toen ben ik gaan spelen met kleur er vorm in zijn kleding.” De ene dag deed ze hem een kleur aan waardoor hij heel bleek en ziek leek, de andere keer kreeg hij een floddertrui aan die hem heel slordig en onverzorgd deed ogen. “Er waren maar drie begeleiders die écht keken naar het kind. Bij hen kreeg ik het juiste antwoord toen ik vroeg hoe hij die dag was geweest, zij prikte erdoorheen.” Om die reden gaat Angela binnenkort beginnen met het geven van cursussen op kinderdagverblijven.

Hoe kwam je aan werk als imageconsultant?


Het is niet zo dat Angela altijd al geweten heeft dat zij zich later imageconsultant mocht gaan noemen, sterker nog; ze wist niet eens dat het bestond. “Iemand zij tegen mij: “Weet jij dat jij altijd advies geeft? Op kleur en stijl. Jij bent gewoon een imageconsultant!” Ik zei toen “huh, wat is dat?” Dus Angela racete naar Google en stuitte op een opleiding. “Ik herkende mezelf direct, ‘dit ben ik ’ dacht ik.” Vijf jaar geleden is Angela de opleiding gaan volgen een heeft zij zich gespecialiseerd.

"Waar je ook gaat en staat, je moet je fijn voelen in de kleding die je hebt; in je verpakking.”

Wat houdt het eigenlijk in?


Neeeeee, een imageconsultant is niet hetzelfde als een styliste zoals wij die kennen van de BN’ers.
“Ik kijk vooral naar je uitstraling, zowel op persoonlijk vlak als op zakelijk vlak. Wat mensen zich soms niet realiseren, is dat je met alles een non-verbale taal spreekt. Het kan natuurlijk ook voorkomen dat mensen iets willen uitstralen wat ze niet zijn. Ook daar kan Angela te hulp schieten. “Als iemand er bijvoorbeeld heel somber of saai uitziet, dan zit daar altijd iets achter.”

Ook doet Angela aan Feng Shui. “Dat houdt in het harmoniseren van je omgeving. Bijvoorbeeld ervoor zorgen dat jij je thuis voelt in je huis, dat het jezelf weerspiegelt. Ik doe dat met kleding.” Zo zorgt zij ervoor dat iemands kledingkast écht die van hen is. Angela vindt het enorm belangrijk dat de kleding in iemand kast diegene weerspiegelt. “Het is het intiemste wat je meeneemt, elke dag. Waar je ook gaat en staat, je moet je fijn voelen in de kleding die je hebt; in je verpakking.”

"Wees jezelf, want dat maakt je uniek"

Wat geef je mee aan jongeren die op het punt staan om belangrijke keuzes te maken?


“Als je een keuze maakt, zorg er dan voor dat je al het andere al hebt gedaan. En als je ergens voor gaat, denk dat niet dat je er al direct bent maar zet door. Je valt echt wel een paar keer, maar geef niet op want dan geeft je je droom op. Door andere wegen te bewandelen, weet je wat je écht wil! Wees jezelf, want dat maakt je uniek."

En dat maakt haar werk als fotograaf elke dag een uitdaging

Sinds haar veertiende wist ze het zeker: fotografie. Die droom liet Marjolijn Tenge (22) niet links liggen. Ze greep het met beide handen vast, wat vooral in het begin nog wat overtuiging nodig had van haar vader. Nu heeft de twintiger een goedlopende onderneming en staat zij geregeld met haar Nikon te flitsen op een verse klus.

Als klein meisje voelde Marjolijn Tenge (22) zich een beetje een ‘outcast’. “Ik was altijd vrij rustig en was nooit een van de populaire kinderen.” In plaats van meestromen met de kudde, kon zij eindeloos meevaren op haar eigen gedachtegolven. In haar hoofd bedacht ze verhalen, steeds opnieuw probeerde ze er een ander eind aan te breien. “Als ik niet kon slapen, verloor ik mijzelf altijd in die verhalen waar ik ook in het klaslokaal uren op door ging”. Dat creatieve heeft er altijd ingezeten. “Ik wilde altijd gewoon écht iets maken, waar ik dan fysiek trots op kan zijn.”

“Elke dag dat ik iets mag doen met fotografie, vind ik het écht leuk”

“Toen ik naar de middelbare school ging begon ik mijn eigen creativiteit wat meer in de praktijk te brengen.” Ze ontdekte de wondere wereld van de fotografie. “Ik zag bushokjes waar altijd van die hele mooie posters inhingen, toen dacht ik al van ‘hoe leuk is het mensen dan langsrijden en zien dat die poster van jou is’.”
Op haar 14e maakte ze écht kennis met het werk van de fotograaf. “We gingen naar een banenbeurs, waar ook de fotovakschool aanwezig was. Daar kon je dan op de foto gaan met je vriendinnen, Eén van de aanwezige docenten die de stand begeleidde, betrapte haar": “ik heb nooit die foto laten maken, want ik vond het achter de camera veel interessanter. Het was de eerste keer dat ik iemand zijn geld zag verdienen met het maken van foto’s.” Toen ze meer te horen kreeg over de opleiding, was het meteen raak. Marjolijn was verliefd.

Hoe verliep de eerste stap richting die droom?
“Het had veel overtuiging nodig. Mijn vader vond het bijvoorbeeld helemaal niks. Ten eerste kost de opleiding jaarlijks € 7000, maar hij had voornamelijk niet het idee dat fotografie iets is waarvan je kunt leven. Volgens hem was het iets wat je doet voor de lol, dat niet serieus is. Het zou niet werk zijn waar hij trots op zou kunnen zijn als zijn dochter dat zou doen.” Voor Marjolijn was het belangrijk dat ze wat ging doen waar ze passie voor heeft en geluk uithaalt. “Ik wil elke dag met zin naar mijn werk gaan. En met mijn passie goed geld verdienen.” Vanuit haar gezin kreeg Marjolijn al het gevoel voor ondernemerschap mee. Haar vader runt een goedlopende onderneming, maar heeft zijn werk nooit met plezier gedaan. “Ik zie hoeveel geld je daarmee kan verdienen en hoe chill het leven is dat wij nu lijden. Maar mijn vader vond zijn werk nooit leuk. Als hij thuiskwam was hij chagrijnig en had nergens meer zin in." Dit is voor Marjolijn geen optie.

“Zolang ik mijn werk nog steeds zou willen doen als het gratis zou moeten, weet ik dat het goed zit”

Na de middelbare school heeft Marjolijn zich in de eerste instantie ingeschreven bij andere opleidingen, al wist ze dondersgoed wat ze écht wilde. “Het grafisch lyceum heeft mij afgewezen, maar gaven mij het advies om naar de fotovakschool te gaan.” Met dat papiertje ging ze naar haar vader. “Toen kon hij niet anders.”

Hoe was de eerste stap in de vakwereld?
Yes! Ze mocht beginnen aan de opleiding van haar dromen. Maar het was pas in 2020, toen Marjolijn de opleiding allang had afgerond en al lange tijd up and running was, dat haar vader voor het eerst écht trots was op het werk van zijn dochter. “Ik had foto’s gemaakt van de nieuwe baby van een werknemer van hem. Toen hij de foto’s zag moest hij huilen. Nu vertelt hij altijd trots over het werk wat ik doe.”

Naast haar eigen onderneming werkt Marjolijn samen met Fotostudio Zandvoort, voor wie ze veel bruiloften voor mag fotograferen. Ze werkt enorm graag voor en met mensen. Ook maakt en geeft zij cursussen aan bedrijven om hen te leren hoe ze kleine fotoklusjes, voor bijvoorbeeld hun social media, aan kunnen pakken. “Ik leer hen dan de basics van de fotografie en geef aan wat klanten willen zien.” Een steek in haar eigen rug? “Dat denken heel veel mensen”, lacht ze, “ze hoeven dan niet voor elk wissewasje een fotograaf in te huren. En stel, ze hebben voor een groter project wel iemand nodig, dan ben ik de eerste aan wie ze denken. Daarnaast is fotografie een vrij beroep waar iedereen iets mee mag doen.”

“Naar feestjes neem ik de camera niet meer mee, ik raak er helemaal in verloren”

Haar droom? Een eigen fotostudio. “Dan kan ik studio’s verhuren en ook voor eigen klussen gebruiken. Het zou geweldig zijn als ik daardoor een dusdanig stabiel inkomen heb dat ik alleen de klussen hoef aan te nemen waar 100% mijn hart ligt en ik écht creatieve voldoening uithaal.”
“Het mooiste aan mijn werk is dat ik een heel concept kan bedenken en dat helemaal in mijn eigen stijltje kan uitvoeren. Van het hele proces eromheen iets moois maken, waar ik volledig controle over heb”

Welk advies geef je de jongeren van nu mee?
“Denk vooral niet te zwaar over de keuzes die je nu maakt. Keuzes zijn niet bindend en je zit nergens aan vast. Je bent nog zo jong, vaak weet je totaal nog niet wat je wil, en dat is oké. Toen ik mijn studie begon geloofde niemand in de ideeën die ik had, ik begon er gewoon aan omdat ik het zo leuk vond." Af en toe zit Marjolijn er nog wel eens doorheen. Logisch vindt ze. “Dan ga ik gewoon kijken van ‘oké, wat ga ik dan doen?’, en dan kom ik uiteindelijk toch weer uit bij fotografie, het blijft mijn passie en ik vind het het leukste om te doen.”

“Mijn beste foto is de foto die ik morgen maak”

Susan van Agten groeide uit van ‘tomboy’ tot ritueelbegeleider bij uitvaarten. Een levensweg die zij aflegde door interesse, geloof en vertrouwen te hebben. Het vertrouwen hebben in hoe je weg ook loopt gunt zij ook kinderen en jongeren in deze tijd. Ze pleit voor minder prestatiedruk en meer ontspannenheid in tijd en ruimte om te ontdekken.

“Op de basisschool was ik een echte tomboy.” Susan blikt met plezier terug op haar jeugd. Ik klom samen met mijn buurjongen in bomen, stookte vuurtjes en speelde met autootjes. Omdat ik kort haar had dacht ook iedereen dat ik een jongetje was.” Susan vond dat prima totdat ze een jaar of 14 was en bij de meiden wilde horen.

Welke schoolkeuzes maakte jij?
“Ik kwam in Arnhem op het lyceum terecht, een katholieke school, mooi gelegen. Daar volgde ik het gymnasium met alle talen. Ik kon goed leren en beleefde er veel plezier aan. Naast school zat ik op tennis en paardrijden.”
Na het afronden van het gymnasium, koos Susan voor de studie rechten. “Ik was geïnteresseerd in politiek. Het was de tijd van Van Agt, Den Uyl en Wiegel. Die wereld sprak mij aan. De school en mijn ouders vonden mijn keuze prima.”

Wat volgde er na de studie rechten?
Susan ging in Nijmegen studeren maar bleef bij haar ouders wonen. “Mijn vader vond het niet nodig dat ik op kamers ging en ik vond dat prima. Hierdoor heb ik toen geen echte studententijd gehad.”
Tijdens haar studie kreeg Susan interesse in het internationale werk als bedrijfsjurist. Het leek haar leuk om in het buitenland te gaan studeren. “Ik las met belangstelling over het Europacollege in Brugge, vroeg een beurs aan, deed mee aan de selectie in Den Haag in Frans en Engels en ging met een gedeelde beurs weg. Het was geen volledige beurs omdat mijn Frans een update nodig had. Fanatiek en ambitieus als ik was, voldeed ik netjes aan de opdracht en volgde een talencursus. In Brugge haalde ik de ‘verloren’ studentenjaren in!”

Voor welke keuzes stond jij na jouw studies?
“Na de afronding van mijn studie in 1984, dacht ik dat iedereen op mij zat te wachten. Niets was minder waar. Ik kon geen baan vinden, bouwde geen werkervaring op en woonde weer thuis bij mijn ouders.” Toch ging Susan niet bij de pakken neerzitten. Ze stuurde een open sollicitatie naar de NCM (Nederlandse Credietverzekering Maatschappij) in Amsterdam, die op zoek was naar academici om intern op te leiden. Een gelukstreffer, ze werd aangenomen. “Ik ging in Amsterdam op kamers en werkte drie jaar op de afdeling exportkredieten. Daar leerde ik mijn man kennen. We trouwden en toen ik in verwachting raakte van onze oudste, ben ik gestopt om fulltime moeder te worden. Uiteindelijk hebben we vier kinderen gekregen.”

Hoe verliep jouw levensweg?
“Inmiddels waren we naar Abcoude verhuisd en gingen we daar als jong gezin naar de kerk. Dat was ik van huis uit gewend.” Susan sloot zich als vrijwilliger aan bij de liturgiegroep van de kerk. Ze haalde veel voldoening uit haar inzet en kon er haar spreekwoordelijke ‘ei’ kwijt. Het vrijwilligerswerk droeg bij aan Susans persoonlijke ontwikkeling: “In de loop der jaren is mijn geloof verlichter geworden. Ik neem de Bijbelteksten minder letterlijk en beleef daardoor het geloof dieper en rijker.”

In haar ‘Kerkwerk’ verzorgt Susan de liturgie, de overweging, nam zij deel in de pastoraatgroep en wordt zij ook gevraagd uitvaarten te regelen. Het laatste raakt haar. “Omdat ik het goed wil doen volgde ik een cursus uitvaart en ontdekte hoe goed dit werk bij mij past. Ik weet de juiste woorden te vinden, liefdevol en met veel empathie, de emoties zitten mij niet in de weg. Toen de kinderen uit huis gingen, wilde ik verder met het mooiste werk dat er is:  Het begeleiden van de afscheidsceremonie bij uitvaarten. Ik vond een opleiding ritueel begeleiding en schreef mij in januari 2016 in bij de Kamer voor Koophandel.”

Wat drijft jou in jouw werk?
“Om opdrachten te krijgen moest ik ook commercieel aan de slag, niet mijn favoriete bezigheid." Susan’s eerste opdracht was geen uitvaart maar een huwelijk van een zoon van een vriendin. Toen de bruid haar uitnodigde voor een netwerkbijeenkomst van BNI, besloot Susan zich aan te sluiten. Ze leerde actief pitchen waardoor haar business een positieve push kreeg.
“Ik doe prachtig werk. 95% van mijn werk gaat over het geloof. In de huidige tijd niet voor iedereen bekend terrein, maar vaak was de overledene nog gelovig en willen nabestaanden dit geloof een plekje in het afscheid geven. Ik kan met oprechte aandacht en symboliek van toegevoegde waarde zijn.”

Wat is jouw advies voor het maken van keuzes aan jongeren?
“Ik voel mij voldaan, met mijn gezin, mijn vrijwilligerswerk in de kerk en mijn werk als ritueelbegeleider. Hierdoor leef ik ontspannen, wat ik ook aan de kinderen heb kunnen doorgeven. In tegenstelling tot veel hoogopgeleide ouders om mij heen die ik druk op hun kinderen zie leggen. Ik vind het belangrijk om zonder stress kinderen het vertrouwen te geven dat je keuze nu, niet per se voor de rest van je leven is. Mijn boodschap is dan ook: Kies een opleiding die je nu interessant vindt, want het leven kan later altijd anders lopen. Heb vertrouwen dat het goed komt. Neem tijd en ruimte om te ontdekken.”