De derde dinsdag van september is weer geweest: Prinsjesdag. De dag waarop de regering haar plannen voor het komende jaar presenteert. En ook al is het kabinet demissionair en zijn er weinig grote besluiten, er zitten toch een paar punten tussen die je als student niet wil missen.
We zetten het belangrijkste voor je op een rij:
Zorgverzekering wordt iets duurder
Een paar euro per maand, dat is de verwachte stijging van de zorgpremie volgend jaar. Geen gigantisch verschil, maar als je al op je geld let, is elke euro er één. Houd er dus rekening mee bij het kiezen of aanpassen van je polis.
OV in de stad blijft zoals het is
Goed nieuws voor wie veel reist in de Randstad: de geplande bezuiniging van 110 miljoen op openbaar vervoer in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag gaat niet door. De stadsbussen, trams en metro’s blijven voorlopig dus gewoon rijden zoals je gewend bent.
Studenten-ov-kaart onder druk
Minder goed nieuws: de ov-studentenkaart is nog niet veilig. Er ligt nog steeds een bezuinigingsvoorstel van 225 miljoen euro op tafel. De Tweede Kamer wil dit schrappen, maar dat is nog niet officieel geregeld. Wordt dus vervolgd.
Grote investering in tech
Er gaat 430 miljoen euro extra naar de Nederlandse techsector. De overheid wil blijven investeren in kennis en innovatie. Volg jij een technische opleiding of overweeg je dat? Dan is dit hét moment om daar verder op in te zetten.
Onderwijsbezuinigingen blijven
De eerder aangekondigde bezuinigingen op het hoger onderwijs worden vooralsnog niet teruggedraaid. Wel blijft de ‘onderwijskansenregeling’ bestaan, een regeling die middelbare scholen helpt om leerlingen uit kwetsbare situaties beter te ondersteunen.
Wat betekent dit voor jou?
De plannen van Prinsjesdag zijn dit jaar bescheiden, maar niet onbelangrijk:
- Je zorgverzekering wordt iets duurder
- Het OV in de stad blijft stabiel
- De studenten-ov-kaart hangt aan een zijden draadje
- Er komt extra geld voor techopleidingen en innovatie
- Het hoger onderwijs moet het voorlopig doen met minder
Oftewel: een paar hobbels, maar ook kansen. Zeker als je studeert in de stad of in de richting van techniek.
‘Als er iets onverwachts gebeurt, leren we het meest. Leren ontstaat door verrassing. Als iets anders uitpakt dan je dacht, maakt je brein nieuwe verbindingen. Dat is de kern van leren.’ Met die woorden liet Harold Bekkering, hoogleraar aan de Radboud Universiteit, tijdens de landelijke bijeenkomst van Programma School & Omgeving zien hoe leren werkt. Hij benadrukte hoe nieuwsgierigheid en een veilige omgeving de basis vormen voor motivatie én gelijke kansen. Naar aanleiding van deze bijeenkomst, werd onderstaand artikel gepubliceerd op Gelijke Kansen, een initiatief van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Harold Bekkering is hoogleraar aan de Radboud Universiteit. Hij doet onderzoek naar hoe mensen leren, van jonge kinderen tot volwassenen. Hij schreef meerdere boeken, waaronder Breinvraag.
Harold: 'Ik wil mijn kennis niet alleen in wetenschappelijke artikelen delen, maar ook met de praktijk. Daarom kom ik graag op bijeenkomsten en ben ik vaak te horen in podcasts. Ik vind dat we de kennis over leren en gelijke kansen serieuzer moeten nemen.’
Wat is het verschil tussen leren op school en leren buiten school?
‘Vaak hoor ik dat buiten school leren vrijwillig is, en dus leuker en meer vanuit jezelf. Op school gaat het vaak om moeten, cijfers halen. Maar mijn boodschap is: in de kern is leren altijd hetzelfde. Je hersenen maken verbindingen. Of je dat nu op school doet of bij een activiteit buiten school, het proces is hetzelfde. Het verschil zit vaak in motivatie: buiten school doe je iets omdat je dat zelf wilt, binnen school omdat het moet. Ik pleit ervoor om ook in school meer ruimte te geven aan nieuwsgierigheid en intrinsieke motivatie.’
Hoe werken onze hersenen bij het leren?
‘We hebben zo’n 80 tot 100 miljard zenuwcellen, neuronen. Die communiceren met elkaar door verbindingen te maken. Leren is: een ervaring opslaan zodat je die later weer kunt gebruiken. Bijvoorbeeld: ik herken iemand die ik eerder heb ontmoet, omdat mijn hersenen daar een modelletje van hebben gemaakt. Zo gaat het ook met woorden leren of rekenen. Hoe meer verbindingen er zijn, hoe meer je leert.’
Welke rol spelen stoffen in de hersenen?
‘Neuronen zijn niet vanzelf met elkaar verbonden. Daarvoor hebben we neurotransmitters nodig, boodschapperstoffen. Zonder die stoffen leer je niet. Een belangrijke neurotransmitter is dopamine. Die geeft aan dat iets belangrijk of belonend is. Als je iets interessant vindt, komt dopamine vrij. Daardoor onthoud je het beter. Dat is ook waarom nieuwsgierigheid zo krachtig is voor leren.’
Dus nieuwsgierigheid is cruciaal?
‘Absoluut. Nieuwsgierigheid zorgt ervoor dat je je geheugen als het ware ‘voorverwarmt’. Alles wat je dan leert, sla je beter op. Bij kinderen zie je nieuwsgierigheid vanzelf: ze stoppen alles in hun mond, willen de wereld ontdekken. Bij volwassenen lijkt dat minder, maar ze zijn nog steeds nieuwsgierig, alleen veel specifieker. Het gaat erom dat je die nieuwsgierigheid voedt, ook bij ouderen en bij jongeren die soms al denken dat ze “klaar” zijn.’
"Leren is een ervaring opslaan zodat je die later weer kunt gebruiken"
Hoe onderzoek je nieuwsgierigheid?
‘Wij gebruiken vragen die soms triviaal lijken, zoals: “Welk dier slaapt met één oog open?” (antwoord: de dolfijn). We kijken dan of mensen niet alleen het antwoord willen weten, maar ook het ‘waarom’. En we meten hoeveel ze onthouden. Het blijkt dat mensen veel beter onthouden als ze nieuwsgierig zijn. Vinden ze een vraag interessant? Dan onthouden ze tot wel 65% van de antwoorden. Vinden ze het saai? Slechts 35%. Nieuwsgierigheid verdubbelt dus bijna je leeropbrengst.’
Waar komt nieuwsgierigheid vandaan?
‘Dat is ingewikkeld. Het hangt samen met vroege ervaringen en de modellen die we in ons hoofd bouwen. Taken moeten passen bij je niveau. Als iets te moeilijk is, raak je bang; als iets te makkelijk is, word je verveeld. Zit je precies goed, dan kom je in een ‘flow’. Dat gevoel dat je helemaal opgaat in wat je doet. Nieuwsgierigheid ontstaat vaak in dat spanningsveld.’
Hoe belangrijk is veiligheid bij leren? En hoe zit het met fouten maken?
‘Heel belangrijk. Erikson, een bekende ontwikkelingspsycholoog, beschreef dat jonge kinderen eerst veiligheid nodig hebben. Pas dan durven ze te exploreren. Als een kind zich veilig voelt bij vaste gezichten, durft het nieuwe dingen te proberen. Zonder veiligheid geen nieuwsgierigheid.’
"Kinderen leren pas echt als ze fouten durven maken. Helaas voelen veel jongeren zich snel minderwaardig als ze falen. Dat houdt hun ontwikkeling tegen"
Kinderen leren pas echt als ze fouten durven maken. Helaas voelen veel jongeren zich snel minderwaardig als ze falen. Dat houdt hun ontwikkeling tegen. Daarom moeten we af van een systeem waarin je steeds met anderen vergeleken wordt. Niet iedereen hoeft hetzelfde tempo te hebben. Elk kind moet groeien op zijn eigen niveau. Dat is wat gelijke kansen echt betekent.
Toen ik voetbaltraining gaf vroeg ik de kinderen altijd waar ze beter in wilden worden. Dan zei één van de kids: “Ik wil sneller rennen.” Dan gingen we dat oefenen, niet om de snelste van het team te worden, maar om zelf vooruitgang te boeken. Aan het eind was die jongen trots dat hij echt sneller was geworden. Dat gevoel van groeien is belangrijker dan de vergelijking met anderen.’
Welke rol spelen verwachtingen van leraren en begeleiders?
‘Hoge verwachtingen zijn cruciaal. Niet: “Iedereen moet naar de universiteit”, maar wel: “Jij kunt groeien.” Zeg tegen een kind: “Je kunt het nog niet, maar je gaat het leren.” Dat geeft vertrouwen en motivatie. Als je kinderen te vaak vergelijkt, roep je juist angst en stress op. En stress blokkeert leren. Ons angstcentrum in de hersenen, de amygdala, neemt het dan over en je kunt niet meer goed nadenken.’
Heeft de jeugd van nu meer last van stress en angst?
‘We zien veel faalangst bij studenten. Ze vinden het moeilijk om fouten te erkennen en verantwoordelijkheid te nemen. Soms denk ik zelfs dat het angstcentrum te weinig actief is: ze zeggen niet “sorry, ik heb een fout gemaakt”, maar schuiven het af. Toch zien we wel dat stress en prestatiedruk een groot probleem zijn. En dat belemmert leren.’
"Laat kinderen exploreren, fouten maken en plezier hebben in leren. Leren doe je niet alleen in de schoolbank, maar overal waar nieuwsgierigheid is"
Wat betekent dit voor gelijke kansen in het onderwijs?
‘Gelijke kansen betekent dat ieder kind de ruimte krijgt om op zijn eigen niveau te groeien. Niet iedereen hoeft hetzelfde te kunnen. Koester talenten en verschillen. Laat kinderen ervaren dat ze beter kunnen worden door oefening en doorzettingsvermogen. Dat geeft zelfvertrouwen én plezier in leren.’
Hoe belangrijk zijn persoonlijkheid en zelfkennis hierbij?
‘Heel belangrijk. We verschillen allemaal in openheid, zorgvuldigheid, emotionele stabiliteit. Ikzelf ben bijvoorbeeld niet zo zorgvuldig; daarom werk ik altijd in een team met mensen die dat beter kunnen. Jongeren moeten leren hun sterke én zwakke kanten te kennen, en weten dat ze kunnen groeien. Je hoeft niet de beste te worden, maar je kunt altijd beter worden.’
Wat wil je docenten en andere onderwijsprofessionals meegeven?
- Koester nieuwsgierigheid. Dat is de motor van leren.
- Zorg voor veiligheid. Kinderen moeten zich veilig voelen om te durven leren.
- Geef hoge verwachtingen. Laat zien dat ieder kind kan groeien, op zijn eigen manier en tempo.
‘En vooral: laat kinderen exploreren, fouten maken en plezier hebben in leren. Want leren gebeurt niet alleen in de schoolbanken, maar overal waar nieuwsgierigheid en motivatie samenkomen. Leren is niet simpelweg het opnemen van informatie is. Het gaat om verbindingen in de hersenen, gevoed door nieuwsgierigheid, motivatie en veiligheid. Als we gelijke kansen in het onderwijs willen, moeten we kinderen ruimte geven om zichzelf te ontwikkelen, ieder op zijn eigen manier.’
Bron: Gelijke Kansen Alliantie (GKA).
Toen Yara zich aanmeldde voor het maatjesproject van het Oranje Fonds, wist ze één ding zeker: ze wilde iets betekenen voor iemand anders. Maar dat ze zoveel zou terugkrijgen? Dat had ze niet verwacht. “Ik heb er niet alleen een maatje bij, maar ook een vriend.”
Verbinding tussen generaties
Yara werd gekoppeld aan Joop, een 83-jarige man die zich soms wat eenzaam voelde. Zijn vrouw was overleden, zijn sociale kring werd kleiner, en zijn dagen vielen steeds vaker stil. De eerste keer dat Yara bij hem op de stoep stond, was het even aftasten. Maar toen ze eenmaal samen aan de koffie zaten, begon het gesprek vanzelf.
“Hij begon over zijn jeugd, zijn werk, zijn vrouw. Zoveel verhalen die je nergens anders hoort. En ik merkte hoe waardevol het voor hem was dat er iemand écht luisterde.”
Twee levens, één klik
Inmiddels spreken ze elkaar wekelijks. Ze wandelen samen, drinken koffie, praten over politiek, voetbal, het leven en soms zijn ze gewoon samen stil. “Joop is nieuwsgierig, scherp, grappig. Ik kijk echt uit naar onze afspraken. Soms voelt het bijna alsof ik bij m’n opa op bezoek ga, al is hij eigenlijk gewoon Joop.”
Voor Joop betekent het maatjescontact meer dan afleiding. “Je brengt weer leven in huis,” zei hij onlangs tegen haar. “Maar dat doet hij ook voor mij,” zegt Yara. “Hij leert me om te vertragen. Om écht te luisteren. En hij herinnert me eraan dat mensen altijd meer zijn dan je op het eerste gezicht ziet.”
Steeds meer jongeren kiezen voor ‘maatje zijn’
Yara is niet de enige. Duizenden jongeren in Nederland zetten zich in als maatje voor een oudere, iemand met een beperking of iemand die zich eenzaam voelt.
“Ik dacht dat ik iemand ging helpen,” zegt Yara. “Maar uiteindelijk krijg je er zelf misschien wel het meeste voor terug.”
Ook iets doen?
Wil jij ook maatje worden, of ontdekken wat er bij jou in de buurt mogelijk is? Check dan het Oranje Fonds of informeer bij vrijwilligersorganisaties in jouw gemeente. Eén uurtje per week kan al een verschil maken!
Gebaseerd op een verhaal van LINDA.nl
Geen kater, wel connectie. Steeds vaker kiezen jongeren (en anderen) ervoor om te leven én feesten zonder alcohol of drugs. Misschien zie je het al in je eigen kring. Of je spot het in B&B Vol Liefde, waar kandidaten het drankje laten staan. Ook influencers delen hun nuchtere levensstijl openlijk online. En nu wijdt zelfs het Financieele Dagblad er een artikel aan.
Een trend? Of een nieuwe mindset?
Bewust leven is in opkomst
Wat begon als een onderstroom lijkt nu mainstream te worden. Niet drinken is geen uitzondering meer. In plaats van ‘Waarom drink je niet?’ hoor je steeds vaker: ‘Wat fijn, jij ook niet!’
Het draait niet alleen om gezondheid, maar ook om verbinding, regie en rust. Geen sociale verplichtingen die draaien om drank, maar echt aanwezig zijn, bij jezelf én bij anderen.
De nieuwe feestganger
Het FD beschrijft drie type nuchtere uitgaanders:
- De mindful danser: geniet van de muziek, het moment, het lijf, zonder kater.
- De sociale inspirator: laat zien dat je óók nuchter de avond van je leven kunt hebben.
- De sober curious trendsetter: kiest bewust en experimenteert met minder of geen alcohol.
En dat sluit naadloos aan op wat je steeds meer ziet op TikTok, in podcasts en op YouTube: mensen die vragen stellen over hun gewoontes. Die hun leven willen leiden in plaats van laten leiden.
Hoe zie jij dit voor jezelf?
Zou jij willen minderen of stoppen?
Heb je ooit geprobeerd om nuchter te daten of uit te gaan?
Merk je druk in je omgeving, of juist steun?
Laat het even bezinken. Misschien is dit hét moment om jezelf af te vragen: hoe wil ik me voelen?
Meer actualiteiten? Klik hier.
Goed nieuws voor (aankomend) studenten
Een betaalbare studentenkamer vinden in steden als Amsterdam, Utrecht of Rotterdam? Dat leek de afgelopen jaren een onmogelijke opgave. Maar er is licht aan het eind van de gang met gedeelde keuken: volgens nieuwe cijfers van verhuurplatform Room.nl is het aantal beschikbare studentenkamers de afgelopen maanden verrassend stabiel gebleven. In Amsterdam is het aantal zelfs met 27% gestegen vergeleken met vorig jaar.
Dat betekent: meer kans op een kamer, minder stress, en misschien wel iets dichter bij je campus.
Waarom dit goed nieuws is:
- In 2022 en 2023 piekte de vraag, maar werd er amper iets aangeboden.
- Steeds meer studenten besluiten nu tijdelijk thuis te blijven wonen of kiezen voor alternatieven buiten de stad.
- Hierdoor komt er ruimte vrij op de kamerhuurmarkt.
Tip: kijk verder dan Funda of Kamernet. Veel onderwijsinstellingen hebben zelf ook platforms of samenwerkingen met huisvestingsorganisaties.
Even checken:
- Nog geen kamer? Schrijf je zo snel mogelijk in bij studentenhuisvesters zoals SSH of ROOM.nl.
- Denk na over je huurtoeslag, soms heb je er wél recht op.
- Check je huurcontract goed, je hebt als huurder rechten.
Klik hier voor actualiteiten die er toe doen.
Gelezen bij LINDA.meiden & gezien bij Florian Kenter
Amber Brouwers (23) schrijft in LINDA.meiden eerlijk over het ‘groener gras’-gevoel in je twintiger jaren. Ze werkt fulltime, woont samen, is eigenlijk best gelukkig, maar toch bekruipt haar regelmatig het gevoel dat ze achterloopt. Want terwijl zij op maandagavond haar lunch klaarmaakt voor de volgende dag, scrollt ze voorbij mensen die feesten in het buitenland, een sabbatical nemen of aan hun derde carrière-switch beginnen. Het lijkt alsof iedereen méér doet, of in ieder geval leukere dingen.
Die column raakte een snaar. Want ook Florian Kenter, psycholoog en contentmaker, plaatste deze week een rake post:
"Soms denken we: ik moet nú alles van het leven maken, want straks ben ik oud. Maar de waarheid is: straks ben je ook nog jong."
Dus: waarom die haast?
Wat als je twintiger zijn niet gaat over alles nu al voor elkaar hebben, maar juist over zoeken, proberen, rusten, falen en weer opstaan?
Wat als het oké is om even stil te staan in plaats van altijd door te rennen?
Florian zei:
"De grote liefde, het grote huis, de grote droom. Misschien mag het ook gewoon klein zijn. Rustig. Gewoon een beetje oké."
Tijd om los te laten
Amber sluit haar column met een inzicht: het is helemaal niet gek om soms onzeker te zijn. Iedereen doet maar wat, ook al ziet het er op Instagram gelikt uit.
En dat is precies wat Florian onderstreept: je mág even niet weten wat je wilt, je mág klein leven, en je mág je keuzes uitstellen.
Want misschien is dit juist de belangrijkste les van je twenties:
Je hoeft niet mee in elke stroom.
Lees hier Amber's column. En klik hier voor Florian's video's.
Een girls’-trip naar Valencia verandert in een noodlottige wending. Donna Stolk (25) raakte na een val in het water verlamd vanaf haar borst. “Ik lag roerloos, met m’n gezicht in het water,” herinnert ze zich. Terwijl vriendinnen haar omdraaiden, besefte ze dat de eerste stap naar haar nieuwe leven was gezet.
Een MRI gaf duidelijkheid: haar nek was op drie plekken gebroken. Een lange operatie volgde met stabilisatie door metaalconstructies, maar haar lichaam keerde niet terug. Een hoge dwarslaesie was een feit. Na 3 weken in het Spaanse ziekenhuis keerde ze terug naar Nederland, maar stond ineens oog in oog met de vraag: wat nu? Alles in haar leven veranderde. Letterlijk niets was meer vanzelfsprekend.
Na weken in het Erasmus MC en maanden revalideren herontdekte ze niet alleen vaardigheden, maar ook de kracht van menselijke verbinding. “Ik wilde meer zijn dan mijn dwarslaesie,” zegt Donna. In revalidatie voelde ze zich verloren, totdat ze het vertrouwen vond in lotgenoten. “Aan een half woord genoeg. We konden er zelfs om lachen.”
Nu, acht maanden later, woont Donna in een eigen appartement bij familie en vrienden in de buurt. Het gevoel van thuis zijn geeft haar rust en maakt ruimte voor kleine geluksmomenten: de ochtendzon, een vriend, een goed gesprek. “De kleine dingen zijn eigenlijk de grote dingen,” zegt ze.
Vooruitkijkend bereidt ze zich voor op een nieuwe operatie in september. De hoop: mogelijk controle terugwinnen in haar polsen. En dat ze straks gewoon haar 26e verjaardag kan vieren met iedereen die haar door deze periode heen heeft gesleept. “Dit jaar vier ik het leven,” zegt ze krachtig. Een mooie boodschap voor iedereen: het leven kan soms stil vallen, maar het kan ook opnieuw beginnen.
Wil jij Donna helpen met een donatie? Klik hier.
Voor acteur en theatermaker Teun Donders zit werkgeluk niet in een promotie of bonus, maar in iets dat je niet kunt meten: stilte.
“Een cabaretier heeft de lach als bevestiging, maar bij acteurs zit die bevestiging juist in de stilte. Dat je een zaal vol mensen hebt en iedereen stil is, dat is te gek.”
En precies daarin zit de kern van wat jongeren anno nu belangrijk vinden: betekenisvol werk. Werk dat raakt, ruimte geeft om jezelf te zijn én waarin je een verschil kunt maken. Of dat nou op een podium, in de klas of achter een laptop is.
Wat maakt werkgeluk per generatie anders?
Onderzoek van TrendsinHR laat zien dat werkgeluk per generatie verschilt. Elk tijdperk brengt andere waarden, zorgen en werkervaringen met zich mee:
Babyboomers (1946-1964): Zochten zekerheid en loyaliteit. Werk was vaak een plicht en statusmiddel.
Generatie X (1965-1980): Werd zelfstandiger, maar hechtte nog steeds veel waarde aan vaste structuren en een balans tussen werk en privé.
Millennials (1981-1995): Zochten naast zekerheid ook persoonlijke ontwikkeling en flexibiliteit. Werkgeluk draait voor hen om zingeving én autonomie.
Gen Z (1996-2012): Wil werk dat ertoe doet, waarin ruimte is voor mentale gezondheid, groei en maatschappelijke impact. Vaste banen zijn minder belangrijk dan waardevol zijn.
Waarom stilte soms meer zegt dan applaus
De stilte die Teun Donders beschrijft, is meer dan een theatermoment. Het symboliseert een diep gevoel van connectie: met het publiek, met het werk, of met jezelf. Dat gevoel, van écht iets doen wat resoneert, is wat veel jongeren zoeken in hun loopbaan.
Steeds meer jongeren kiezen daarom bewust voor minder traditionele paden: ze combineren freelance klussen met studie, volgen creatieve opleidingen of nemen een tussenjaar om te ontdekken wat écht bij ze past.
Het betekent niet dat ze niet willen werken, integendeel. Ze willen werk dat klopt. Werk waarin hun waarden, talenten en energie samenkomen.
Meer lezen? Klik hier.
Jutta Leerdam is een van de meest indrukwekkende talenten in de Nederlandse schaatssport. Niet alleen vanwege haar indrukwekkende prestaties op het ijs, zoals olympisch zilver op de 1000 meter in Beijing (2022), meerdere wereldtitels en baanrecords, maar ook vanwege de manier waarop ze haar eigen route kiest.
Niet gewoon kiezen, maar bewust koers bepalen
Na haar succesvolle 2023-2024-campagne koos Jutta voor een eigen koers. In plaats van bij een commercieel schaatsteam te tekenen, stelde ze zelf een klein begeleidingsteam samen en combineerde maatwerktraining met samenwerking binnen Team Novus. Voor haar is het een bewuste keuze om samen haar doelen te verwezenlijken.
Meer dan alleen medailles
Jutta staat bekend om haar lef en eerlijkheid, zowel op als naast het ijs. Ze deelt openlijk haar ervaringen met menstruatie, voeding en mentaal welzijn. Ze doorbreekt taboes en laat zien dat topsporters óók mensen zijn, met onzekerheden en uitdagingen.
Studie én sport: een bredere blik
Naast haar sport combineerde Jutta haar schaatscarrière ook met studie. Ze studeerde commerciële economie. Zo laat ze zien dat je niet hoeft te kiezen tussen topsport en persoonlijke ontwikkeling, maar dat je beide kunt laten groeien.
Zekerheid volgens Jutta
Haar kijk op zekerheid is helderder dan ooit. Zoals ze zelf zegt:
“Zekerheid voor mij betekent luisteren naar je gevoel om later geen spijt te krijgen.”
Jutta Leerdam laat zien dat topsport meer is dan goud, het gaat om lef in je eigen pad kiezen.
Het is officieel: prinses Amalia (20) heeft haar afstudeerscriptie voor de bachelor PPLE ingeleverd aan de UvA, daarmee is haar opleiding bijna afgerond. Deze week verraste ze de pers met een opvallende stap: volgend studiejaar begint ze met een tweede studie Nederlands recht, ook in Amsterdam. Daarnaast gaat ze aan de slag als militair werkstudent via het Defensity College, onderdeel van het ministerie van Defensie.
Twee studies? Niet helemaal.
In de media werd even gesuggereerd dat Amalia twee studies naast elkaar zou volgen. Maar dat klopt niet. Haar scriptie is ingeleverd, wat betekent dat haar PPLE-traject zo goed als afgerond is. Ze begint dus met een nieuwe, juridische bachelor en rondt haar eerste studie netjes af.
Werken bij Defensie
Amalia volgt vanaf september het werkstudentenprogramma van het ministerie van Defensie, het zogenoemde Defensity College. Hier lopen studenten uit het hoger onderwijs één à twee dagen per week mee binnen Defensie. Ze volgen een militaire basisopleiding en worden reservist.
De reden? Amalia wil leren over veiligheid, internationale samenwerking en het functioneren van Defensie in de praktijk. Thema’s die belangrijk zijn in haar toekomstige rol als koningin.
Geen standaard studenten tijd
Of je nu prinses bent of niet, Amalia laat zien dat je met een duidelijk doel voor ogen bewuste keuzes kunt maken. Ze combineert leren met praktijkervaring, durft door te studeren, opzoek naar iets dat beter past, en kiest voor verdieping in thema’s die haar raken.
📚 Wil jij ook verder studeren na je bachelor? Of zoek je werk dat past bij je toekomst? Kijk dan hier voor tips over combineren, specialiseren en kiezen wat bij jou past.